Inleiding voor hulpverleners
Als hulpverlener kom je in contact met partnergeweld, al dan niet expliciet. De kans is groot dat je al mannelijke slachtoffers hebt ontmoet zonder het te herkennen — niet door nalatigheid, maar omdat de maatschappelijke lens partnergeweld nog altijd primair ziet als iets wat vrouwen overkomt.
De cijfers
| Vorm van geweld | Mannen | Vrouwen |
|---|---|---|
| Ooit slachtoffer partnergeweld | 33,1% | 31,3% |
| Uitsluitend psychologisch geweld | 74,1% van mannelijke slachtoffers | 23,5% van vrouwelijke slachtoffers |
| Combinatie van meerdere geweldsvormen | 23,5% | 48,7% |
Politiestatistieken 2024:
- 50.469 aangiftes intrafamiliaal geweld in totaal
- Slechts 3% van slachtoffers doet aangifte
- Dit is het zichtbare deel — geen afspiegeling van prevalentie
De kloof tussen bevolkingsonderzoek en politiestatistieken is een artefact van onderrapportage, niet van afwezigheid.
Waarom mannen niet melden
- Schaamte en taboe — mannelijkheidsnormen verbieden kwetsbaarheid tonen
- Anticiperen op scepticisme — terechte angst om niet geloofd te worden
- Victimblaming — "je bent groter dan zij", "waarom heb je je niet verdedigd?"
- Isolatie — de partner heeft hen al afgesneden van hun netwerk
- Omgekeerde aangifte — de partner heeft zelf aangifte gedaan
- Normalisering — ze denken dat hun situatie "niet erg genoeg" is
Epistemisch onrecht
Prof. Ines Keygnaert (UGent/UZ Gent):
"Als een man en een vrouw exact hetzelfde verhaal vertellen, geloven we doorgaans sneller de vrouw en denken we mee over oplossingen. Mannen trekken we eerder in twijfel. Ze krijgen ook vaak te horen dat ze zich als een echte man moeten gedragen. Er is dus ook vaak victimblaming."
Experimenteel en kwalitatief onderzoek bevestigt dat ook professionals genderscripts kunnen volgen bij het inschatten van slachtofferschap — met impact op geloofwaardigheid, doorverwijzing en interventies.
Signalen herkennen
- Overdreven verantwoordelijkheidsgevoel voor de stemming van de partner
- Somatische klachten zonder duidelijke oorzaak (slaapstoornis, maagklachten, vermoeidheid)
- Sociaal isolement, verminderd contact met vrienden of familie
- Bagatelliseren: "het gaat wel, maar ze heeft het moeilijk"
- Schrikachtig gedrag of zichtbare angst voor de reactie van de partner
- Incongruentie: wat hij vertelt klopt niet met zijn non-verbale gedrag
Herken je signalen? Schat dan het gevaar gestructureerd in met risicotaxatie bij partnergeweld.
Praktische handvatten
Taal en attitude
- Gebruik genderneutrale taal bij screening ("heeft uw partner ooit...")
- Neem het verhaal serieus zonder te relativeren
- Valideer schaamte: "Het is begrijpelijk dat dit moeilijk te vertellen is"
- Zeg nooit "ik kan niets voor u doen" — verwijs altijd door
Screeningsvragen (patroon- en impactniveau)
- Heeft u het gevoel dat uw partner uw gedrag, bewegingen of contacten controleert?
- Bent u bang voor de reactie van uw partner op dagelijkse dingen?
- Heeft uw partner u ooit bedreigd — met de kinderen, met aangifte, met zelfmoord?
- Ziet u uw vrienden en familie minder dan vroeger?
- Heeft u het gevoel dat u niet meer weet wie u bent?
Bevraag beide partijen altijd apart — in aanwezigheid van de partner durft een slachtoffer zelden eerlijk te spreken.
Waarom plegers hun eigen gedrag vaak niet zien, lees je bij contextblindheid.
Letsels en impact documenteren (voor artsen)
Zorgvuldige documentatie door de (huis)arts is voor mannelijke slachtoffers vaak het enige objectieve bewijs. Principes:
- Beschrijf objectief en gedetailleerd: aard, locatie, grootte en ouderdom van letsels; gebruik een lichaamsschema en maak — met toestemming — foto's
- Noteer de verklaring van de patiënt in zijn eigen woorden ("patiënt verklaart dat…"), zonder zelf conclusies over de toedracht te trekken
- Documenteer ook psychische impact: slaapstoornissen, angst, hypervigilantie — bij overwegend psychologisch geweld is dít het letsel
- Stel een omstandig medisch attest op en geef het mee; bewaar een kopie in het dossier — ook als de patiënt nu nog geen stappen wil zetten
- Registreer patronen over tijd: herhaalde consultaties met stressklachten kunnen samen een beeld vormen dat één attest niet toont
Doorverwijzing
- 1712 — 1712.be
- CAW — caw.be/ons-aanbod/slachtofferhulp/familiaal-geweld
- Keertij — ruth@keertij.be — keertij.be
- Slachtofferhulp — slachtofferhulp.be
Podcast
De blinde vlek voor mishandelde mannen — een gesprek over waarom mannelijk slachtofferschap zo moeilijk zichtbaar wordt in de hulpverlening.
Veelgestelde vragen
Hoe herken ik een mannelijke slachtoffer van partnergeweld?
Mannelijke slachtoffers vertonen dezelfde signalen als vrouwelijke slachtoffers: teruggetrokken gedrag, nervositeit in de buurt van de partner, onverklaarbare verwondingen, plotse financiële problemen en sociale isolatie. Cruciaal verschil: mannen bagatelliseren vaker en benoemen de situatie zelden zelf als 'partnergeweld'. Bevraag specifiek op patronen van controle, intimidatie en angst.
Welke screeningsvragen gebruik ik bij vermoeden van partnergeweld?
Bewezen effectieve screeningsvragen zijn: 'Heeft u het gevoel dat uw partner uw gedrag of contacten controleert?', 'Bent u bang voor de reactie van uw partner op dagelijkse dingen?', 'Heeft uw partner u ooit bedreigd — met de kinderen, met aangifte, of met zelfmoord?'. Bevraag altijd apart van de partner.
Waarom melden mannelijke slachtoffers partnergeweld minder snel?
Drie factoren spelen een rol: (1) gendernormen — mannen worden geacht sterk en zelfstandig te zijn; (2) angst om niet geloofd te worden of als dader te worden aangemerkt (DARVO-risico); (3) structurele barrières — hulpverleningsaanbod is historisch gericht op vrouwelijke slachtoffers. Slechts 3% van mannelijke slachtoffers doet aangifte (EU-GBV-enquête, 2024).